DUPAN: ‘De palingstand herstelt’

18 februari 2026

Door extreme weersomstandigheden ging de nieuwjaarsreceptie van DUPAN dit jaar niet door. Toch liet voorzitter Alex Koelewijn zijn boodschap niet onuitgesproken. In zijn nieuwjaarstoespraak, die nu schriftelijk is gedeeld, benadrukt hij dat het herstel van de Europese palingstand doorzet, dat de Nederlandse sector internationaal richtinggevend is geworden en dat pragmatisch beheer onmisbaar blijft. ‘De palingstand stijgt al vijftien jaar.’

Koelewijn stond in zijn toespraak stil bij het vijftienjarig bestaan van DUPAN, dat in 2010 werd opgericht. ‘Je zou bijna vergeten welke inzet DUPAN daarvoor heeft geleverd,’ zei hij. Volgens de voorzitter is het niet vanzelfsprekend dat de Nederlandse palingsector vandaag de dag nog bestaat. ‘Hoe had de wereld voor de Nederlandse palingsector eruitgezien zonder de inzet van DUPAN? Hadden we dan nog op paling gevist? Hadden we dan nog steeds een Nederlandse palingcultuur gehad?’

Volgens Koelewijn is Nederland dankzij die inzet uitgegroeid tot gidsland. ‘Wij hebben laten zien hoe je met gecontroleerde, beperkte benutting een bestand beschermt én een cultuur in stand houdt.’

Palingstand duidelijk verbeterd

De voorzitter schetste een positief beeld van de huidige situatie. Ondanks een lagere vangstinspanning vangt de Nederlandse palingvisserij inmiddels weer evenveel paling als in de periode vóór de gesloten tijd van drie maanden. Ook de aquacultuur draait volgens hem goed en de handel doet haar best om aan de vraag te voldoen.

‘Feit is dat de palingstand al vijftien jaar stijgt’, stelde Koelewijn. Daarmee staat hij kritisch tegenover het jaarlijkse voorzorgsadvies van ICES. ‘Het ICES-advies jaagt een palingstand na van meer dan zestig jaar geleden, toen alles anders was. Dat is vergelijkbaar met het najagen van wind.’

Migratie als sleutelprobleem

Volgens DUPAN ligt de kern van het palingprobleem niet bij consumptie, maar bij migratie en habitatverlies. ‘Palingen paaien in de Sargassozee, groeien hier op en moeten ook weer terug. Maar onze kusten zitten potdicht.’

DUPAN zet daarom al jaren in op praktische oplossingen. In 2025 werden 3,5 miljoen jonge palingen uitgezet in Friesland en de Randmeren. Daarnaast wees Koelewijn op de inzet van beroepsvissers, zoals de leden van peurvereniging KIJG, die jaarlijks vele malen meer pootaal terugzetten dan zij vangen.

Paling Over De Dijk

Een belangrijk instrument in het beheer is het programma Paling Over De Dijk. Sinds 2012 helpen beroeps- en sportvissers volwassen palingen veilig langs gemalen en dijken richting zee. ‘Als je jonge paling naar binnen helpt, ben je pas op de helft. De andere helft is dat je de volwassen paling helpt het land te verlaten.’

Het programma wordt inmiddels erkend als effectief en ontvangt sinds vorig jaar subsidie van het ministerie en de EU. Daardoor kon het project worden opgeschaald naar tien extra knelpunten.

Kritiek op ICES en IUCN

Koelewijn spaarde ook internationale instituties niet. Hij uitte scherpe kritiek op ICES en IUCN, die volgens hem onvoldoende rekening houden met de realiteit. ‘ICES zegt: we weten het niet precies, dus doen we niets. Dat werkt herstel juist tegen.’

Ook de rode lijst van IUCN noemde hij problematisch. ‘Paling staat daar sinds 2008 als met uitsterven bedreigd, zonder herbeoordeling, ondanks jaarlijks 1,4 miljard jonge palingen.’ Volgens Koelewijn leidt die houding tot polarisatie. ‘Iedereen wil herstel van de palingstand, maar deze adviezen zetten mensen met hetzelfde doel tegenover elkaar.’

Duurzaamheidsstandaard

In juni 2025 behaalde de Sustainable Eel Group de ISEAL Code Compliant-status, het hoogste niveau voor duurzaamheidsstandaarden. Dat werd door DUPAN gezien als erkenning dat paling op verantwoorde wijze kan worden benut. Hoewel deze status inmiddels tijdelijk is opgeschort vanwege systeemfouten, ziet Koelewijn dat niet als een bedreiging. ‘SEG leert hiervan en komt sterker terug. In 2026 wordt dit afgerond.’ Tot slot sprak Koelewijn zijn vertrouwen uit in de toekomst van de sector. ‘Samen kunnen we het. Met pragmatisme, kennis en samenwerking.’

 

Untitled-1
Untitled-1
Untitled-1