Nieuw onderzoek WUR-RIVM: Seafood kan klimaatvriendelijke keuze zijn

13 april 2026

Een nieuw onderzoek van Wageningen University & Research (WUR) en het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) toont aan: vis, schaal en schelpdieren kunnen een klimaatvriendelijke keuze zijn én bevatten essentiële voedingsstoffen die nergens anders zo goed te vinden zijn.

Vis, schaal- en schelpdieren zijn een unieke bron van essentiële voedingsstoffen die in andere producten nauwelijks voorkomen: omega-3 vetzuren (EPA en DHA), jodium en selenium. Het Voedingscentrum adviseert om één keer per week vis te eten, bij voorkeur een vette vissoort zoals haring of zalm. De Gezondheidsraad beveelt in haar nieuwe richtlijnen (2025) aan om 100 gram duurzame vis per week te eten. Ondanks deze positieve eigenschappen is er momenteel een relatief kleine groep Nederlanders die regelmatig vis eet. Een gemiste kans, voor gezondheid én klimaat.

Klimaatimpact

Het WUR-RIVM onderzoek brengt de klimaatimpact van voedselproducten uit zee in kaart en vergelijkt die met producten van land. De Nederlandse vissector draagt circa 0,1% bij aan de nationale broeikasgasuitstoot. Ook op productniveau scoort seafood gunstig:

  • Pelagische soorten zoals haring en makreel hebben een klimaatimpact die vergelijkbaar is met plantaardige eiwitbronnen als noten en bonen.
  • Mosselen en oesters hebben een lagere klimaatimpact dan de meeste dierlijke eiwitbronnen zoals kip en varken.
  • Tong en schol hebben een hogere klimaatimpact, maar deze ligt nog altijd lager dan die van biefstuk van vleesvee.

Kansen

Die kans ligt ook op het bord. De Gezondheidsraad onderschrijft een verschuiving naar meer plantaardige en minder dierlijke eiwitten. Binnen dat dierlijke deel biedt seafood voor veel soorten een klimaatvriendelijke keuze, en dat vraagt om een actieve rol van supermarkten, cateraars en foodservicebedrijven. Denk aan assortimentkeuzes, seafood prominenter op de menukaart of in het schap, en communicatie die de consument helpt kiezen.

Het WUR-RIVM onderzoek biedt een stevige basis voor voedselbeleid dat gezondheid en klimaat verbindt. Meer seafood op het menu – thuis, op school en in de horeca – is een concrete stap die beide doelen dient. Dat vraagt om samenwerking tussen overheid en sector: van voedingseducatie op scholen en concrete initiatieven zoals schoollunches met vis, vergelijkbaar met bestaande regelingen voor fruit en melk, tot het vergroten van kennis bij consumenten en de chefs van de toekomst. De sector neemt daarin zelf ook verantwoordelijkheid: via SeaNext wordt actief gewerkt aan kennisopbouw over de gezondheidswaarde van seafood, bij consumenten en de chefs van de toekomst.

Verdere verduurzaming

De visserijsector zet in op het verder verlagen van de klimaatimpact, maar heeft daarvoor ruimte, investeringszekerheid en technologisch perspectief nodig. Bij de vissoorten met de hoogste klimaatimpact vormt brandstofverbruik veruit de grootste bijdrage aan de CO₂-uitstoot, en juist daar ligt het grootste verbeterpotentieel. De sector werkt concreet aan:

– Innovatie van vaartuigen, energiebronnen en vistechnieken: zo wordt actief gewerkt aan een emissieloze garnalenkotter én aan (her)introductie van steeds selectievere, brandstofbesparende visserijmethoden zoals pulsvisserij.

– Uitbreiding van mosselkweekgebieden en meer ruimte op zee voor de visserij: opschaling vraagt samenwerking met de overheid en verdere innovatie.

Reactie Visbureau

Lisa Koopman van het Nederlands Visbureau reageert: ‘Dit onderzoek geeft ons een stevige basis om een gesprek te voeren dat al te lang wordt uitgesteld: seafood hoort een logisch onderdeel te zijn van een duurzamer voedingspatroon – voor je gezondheid én voor het klimaat. De sector is klaar om die stap te zetten, we nodigen beleidsmakers en de gehele voedselketen uit om daarin mee te bewegen.’

Untitled-1
Untitled-1
Untitled-1