Rondetafelgesprek toekomst Nederlandse visserij: meer nuance in natuurdebat
22 juni 2026
Discussies over natuur, visbestanden en gebiedssluitingen hebben grote gevolgen voor de toekomst van de visserij. Tijdens een rondetafelgesprek in de Tweede Kamer riep emeritus hoogleraar Jaap van der Meer daarom op tot een kritische blik op de wetenschappelijke onderbouwing van natuurbeleid en beheermaatregelen.
Tijdens het rondetafelgesprek met de vaste Kamercommissie voor Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) stond het toekomstperspectief van de Nederlandse visserij centraal. Daarbij ging ook veel aandacht uit naar de manier waarop de staat van de natuur wordt beoordeeld. Van der Meer leverde hierover een opvallende bijdrage. Volgens hem is een zorgvuldige wetenschappelijke onderbouwing essentieel wanneer conclusies worden gebruikt voor beleid, vergunningen, gebiedssluitingen en juridische procedures.
‘In de maatschappij en bij de overheid heerst het beeld dat het zeer slecht gesteld is met onze natuur, maar dit beeld is in veel gevallen gebaseerd op verkeerde aannames en niet wetenschappelijk onderbouwd’, aldus Van der Meer. Hij benadrukte daarbij dat dit niet betekent dat er geen problemen zijn, maar wel dat uitspraken over de staat van de natuur zorgvuldig moeten worden gewogen. Sterker nog, de Noordzee voldoet volgens hem aan de Europese norm voor een goede milieutoestand.
Ontbreken van goede referentie
Een belangrijk punt dat Van der Meer naar voren bracht, is het ontbreken van een goede referentie. In sommige rapporten wordt gekeken naar de hoogste waarde uit de afgelopen decennia en wordt die vervolgens als norm genomen. Volgens Van der Meer ontstaat daarmee een doel dat in de praktijk nauwelijks haalbaar is en weinig zegt over de werkelijke toestand van het gebied.
Ook plaatste hij kanttekeningen bij methodes die door de overheid worden gebruikt om de staat van het bodemleven te beoordelen. Van der Meer noemt hierbij als voorbeeld de Benthische Indicator Soorten Index (BISI), die volgens hem in de internationale literatuur nooit wetenschappelijk is onderbouwd of erkend en waarvan de aanpak zeer twijfelachtig is.
Gebiedssluiting
Ook gebiedssluitingen kwamen aan bod. Van der Meer benadrukte dat het sluiten van gebieden alleen zinvol is als duidelijk is wat men ermee wil bereiken. Om welke soorten gaat het? Kunnen die soorten zich daar wel vestigen? En is de maatregel aantoonbaar effectief?
Gebieden sluiten zonder helder doel levert niet automatisch natuurwinst op, maar heeft wél directe gevolgen voor vissers. Juist daarom is het belangrijk dat keuzes goed worden onderbouwd en dat vooraf duidelijk is welk natuurdoel met een sluiting wordt nagestreefd. Minstens zo belangrijk is dat nadien goed wordt gemonitord of een sluiting ook het gewenste resultaat oplevert.
Bredere zorgen
De oproep tot zorgvuldigheid sluit aan bij zorgen die breder leven in de Nederlandse kustgebieden, waaronder het Waddengebied. Stichting Wij zijn de Wadden is een petitie gestart onder de titel ‘Bescherm de leefbaarheid en het toerisme in het gehele Waddengebied’. De petitie richt zich tegen de voorgenomen Natura 2000-beheermaatregelen in het nieuwe beheerplan dat in 2028 in werking treedt.
Volgens de initiatiefnemers komen leefbaarheid, toerisme, ondernemerschap en cultuurhistorisch gebruik onder druk te staan. Ook geven zij aan dat bewoners, ondernemers en gebruikers onvoldoende zijn meegenomen in het proces. Inmiddels is de petitie al duizenden keren ondertekend.
Voor de Nederlandse Vissersbond laat dit zien dat natuurbeleid niet los kan worden gezien van de mensen die in en met het gebied leven. Vissers, bewoners, ondernemers en andere gebruikers hebben belang bij een gezond Waddengebied, maar ook bij beleid dat werkbaar en uitlegbaar blijft.
Feiten als basis voor natuurbeleid
De Nederlandse Vissersbond strijdt, samen met andere visserijorganisaties, al ruim een jaar voor het gebruik van goed onderbouwde wetenschappelijke inzichten bij de herziening van de Natura 2000-beheerplannen.
‘We concluderen dat Rijkswaterstaat bij het vaststellen van knelpunten en beheermaatregelen ongegronde aannames doet en onvolledig is in de wetenschappelijke onderbouwing’, aldus Amerik Schuitemaker. ‘In zienswijzen en in gesprekken met Rijkswaterstaat en LVVN hebben we onze overheid hierop aangesproken en hebben we input geleverd voor een brede en genuanceerde wetenschappelijke basis. Dat zullen we blijven doen.’
De bijdrage van Jaap van der Meer onderstreepte volgens de Vissersbond dat nuance hard nodig is. Niet om natuurdoelen ter discussie te stellen, maar om ervoor te zorgen dat maatregelen gebaseerd zijn op goede feiten, duidelijke doelen en wetenschappelijk onderbouwde keuzes.
Deel dit bericht